Afrikanen in Europa gul

Published on december 14th, 2009 | by arnold pannenborg

Samuel Eto’o, de gulle gever

George Weah sponsorde jarenlang Liberia’s nationale elftal en Emmanuel Adebayor betaalt regelmatig de terugvlucht van zijn collega-internationals. Vooral de Kameroener Samuel Eto’o staat bekend als een gulle gever.

Topschutter Samuel Eto’o is een vreemde vogel. Een aantal maanden geleden kreeg hij nog slaande ruzie met journalisten tijdens een persconferentie in Yaoundé, Kameroen. Hij zou het ten eerste niet eens zijn geweest met de suggestieve vragen van het journaille. Ten tweede was hij het compleet zat dat de persmuskieten hem voortdurend om een aalmoes vroegen.

En dus deelde hij met liefde een kopstoot uit aan een van de aanwezige journalisten. Maar Eto’o, die dit jaar kans maakt op zijn vierde titel als Afrikaans Voetballer van het Jaar, heeft het daar zelf ook wel naar gemaakt. Van de voormalige Barcelona-speler, nu onder contract bij het Italiaanse Inter, is bekend dat hij ooit in een genereuze bui een journalist een dure auto cadeau heeft gedaan. Die was afkomstig van het riante wagenpark van de Kameroener.

Liberiaanse elftal
George Weah, de Liberiaanse Wereldvoetballer van het Jaar in 1995, sponsorde vele jaren achtereen in zijn eentje het nationale elftal van zijn land. Het straatarme, door burgeroorlogen geplaagde Liberia had geen cent om de internationals te onderhouden en dus nam Weah de schone taak op zich. Bij internationale wedstrijden zorgde hij voor de tickets, de accommodaties, de versnaperingen en de terugreis.

Ook Emmanuel Adebayor doet af en toe iets goeds voor zijn teamgenoten. Menig lid van de nationale selectie heeft het niet breed; de meeste van hen spelen immers niet bij topclubs in Europa en vangen dus ook niet het astronomische salaris dat Adebayor, Weah en Eto’o opstrijken. Niet zelden geeft de lange Togolees zijn ploegmakkers geld voor de terugvlucht naar hun kleinere clubs in Europa en elders na het spelen van een internationale wedstrijd.

Gouden horloge
Terug naar Eto’o dan. Het laatste nieuws is dat hij al zijn ploegmakkers een gouden horloge in het vooruitzicht heeft gesteld, nu de Indomitable Lions zich hebben weten te plaatsen voor het WK in Zuid-Afrika. Het zou hetzelfde horloge zijn die Eto’o eerder aan de Jamaicaanse hardloper Usain Bolt heeft geschonken: 18 karaats goud met 610 diamantjes. Kosten? Ruim 32.000 euro per stuk.

Het horloge aan Bolt bevatte een inscriptie met de naam van, jawel, Eto’o zelf. Het is niet bekend of ook zijn teamgenoten straks met een persoonlijk door hem “gesigneerd” klokje aan de pols zullen rondlopen.

Eto’o zou de belofte hebben gedaan in een interview met een Frans televisieprogramma. Het zal niemand verbazen. Dit is de man die een paar jaar terug nog een deal sloot met het Amerikaanse autobedrijf Ford. Voor iedere twee doelpunten die hij dat seizoen boven een bepaald quotum zou scoren, zou Ford een ambulance naar Kameroen sturen. Ook via zijn Foundation houdt hij zich bezig met het verbeteren van medische faciliteiten in zijn land.

Gekkigheid
Het gulle gedrag van de Afrikaanse stervoetballers is enerzijds begrijpelijk. Ze weten immers vaak van gekkigheid niet wat ze met hun centen moeten doen. Het is natuurlijk ook een prachtig gebaar, het delen van je geld met de minderbedeelden. Anderzijds is het soms ook een beetje triest: als je als voetballer je collega’s van bonussen en cadeautjes moet voorzien, is er vast iets mis met de voetbalstructuur in je eigen land.

Inderdaad, de meeste bobo’s van voetbalbonden en ministeries van Sport in Afrika steken het gros van de inkomsten in eigen zak. Als je dan als voetbalheld wilt gloriëren op een WK, zul je je teamgenoten met eigen geld moeten motiveren. Sterker: als Weah de nationale selectie niet had gesponsord, had Liberia überhaupt geen internationale wedstrijden gespeeld.

Afrikaanse cultuur
Een andere, belangrijkere, reden voor het gulle geef gedrag van Afrikaanse voetballers is dat het nu eenmaal ingebakken is in de Afrikaanse cultuur om je rijkdom met familie en vrienden te delen. En dus keren de voetballers meermalen per jaar terug naar hun geboorteland om te strooien met geld en goederen. De huizen in hun geboortestreken zijn veelal halve bedevaartsoorden voor jan en alleman.

Toen Kalle Sonne, een voormalige speler van Vitesse Arnhem, tussen twee seizoenen in een bezoek bracht aan zijn geboortedorp Buea, werd hij non-stop belaagd door familieleden, vrienden en aasgieren. Je kon niet langer dan een minuut een praatje met hem houden, want dan werd hij weer aangeklampt door een of ander persoon die een graantje wilde meepikken van zijn (indertijd relatieve) succes.

Behekst
Voor de voetballers zelf zit er aan het uitdelen van hun rijkdommen een extra, typisch Afrikaans, tintje. Wie rijk is maar niet gul, creëert immers de nodige vijanden. En die zijn vervolgens niet te beroerd om een bezoekje te brengen aan een native doctor, een witchdoctor. Voor je het weet, ben je behekst en breek je een been. Dit zijn reële sentimenten in grote delen van Afrika.

Over de in 2003 overleden voetballer Marc-Vivien Foé doen bijvoorbeeld geruchten de ronde dat hij zijn immense rijkdom niet met anderen wenste te delen. Dat zou, zo beweert menig Kameroener, de reden zijn dat hij tijdens de halve finale tegen Colombia in de Confederations Cup dood neerviel op de grasmat.

Of Eto’o zoveel geld uitdeelt om geen vloek over zich uit te roepen, valt te betwijfelen. De man lijkt wel een gespleten persoonlijkheid te hebben. De ene dag slaat en bedreigt hij erop los, de dag erna loopt hij een lagere school binnen om iedere leerling 1.000 FCFA (ongeveer anderhalve euro) in de hand te drukken.

Waren er maar meer voetballers zoals hij.

Tags: , , ,


About the Author



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top ↑