Competities korko

Published on mei 12th, 2009 | by arnold pannenborg

Over juju, spionnen en krokodillenleer

Met gierende banden en het snerpende geluid van de claxon scheurt de spelersbus van Wa All Stars richting het stadion. Twee mannen rijden op een motor voor de bus uit en drijven de supporters van de thuisploeg uiteen.

Even later komt de bus tot stilstand bij de poort van het stadion. Daar moeten de voetballers en officials van de ploeg uit het hoge noorden van Ghana wachten op goedkeuring van de beveiliging van AshantiGold, de eigenaar van het Len Clay stadion in Obuasi.

In Ghana, en de rest van Afrika, staan uitwedstrijden bekend als “zeer moeilijk tot onmogelijk te winnen”. ‘Je wordt belazerd en bedrogen,’ aldus een clubvoorzitter. Een manier om dat te doen, is middels het gebruik van juju. En dus zijn de uitspelende teams altijd op hun hoede. Een blanke die onverwacht foto’s neemt van de spelersbus kan dan ook op weerstand rekenen. Zo kwam het dat ik tekst en uitleg moest geven aan een tweetal forse Afrikanen.

Afgelopen zondag begon de tweede helft van de Ghanese Premier League in het seizoen 2008/09. Ik word uitgenodigd door de Chief Executive Officer (CEO) van AshantiGold om zijn team aan het werk te zien. De mijnstad Obuasi ligt in een heuvelachtig gebied op een uurtje rijden van mijn thuishaven Kumasi. AshantiGold staat bekend als de club die in de jaren ’90 driemaal kampioen werd. Dit seizoen bungelt het team onderaan de ladder.

Als ik rond half twee het stadion nader, hoor ik achter me de toeterende spelersbus van Wa All Stars naderen. Dit team uit het hoge noorden staat bekend als het team van de president van de Ghanese voetbalbond (GFA). Kwesi Nyantakyi is de eigenaar en geldschieter van de club, die twee jaar terug promoveerde naar de hoogste divisie.

‘Op zondag kun je met eigen ogen aanschouwen wat het betekent om tegende club van de FA-voorzitter te spelen,’ vertelde de CEO van AshantiGold FC. ‘Bij de scheidsrechters hebben zij altijd een streepje voor, omdat zij de voorzitter van de bond niet willen schofferen.’

Terwijl AshantiGold deze wedstrijd moet winnen, zitten de All Stars op een hoge en droge plek op de competitielijst. Ze doen zelfs nog mee om een plekje in de top vier, dat recht geeft op deelname aan de continentale competities. Wat Wa All Stars zich echter al te goed beseft, is dat het niet meevalt om een uitwedstrijd te winnen. Omkoping, juju en intimidatie van het thuispubliek zijn slechts enkele van de tactieken van de thuisploeg.

En dus rijdt er een motor voor de All Stars bus uit om alle onverlaten de stuipen op het lijf te jagen. De motor passeert me rakelings en als de bus langsrijdt, zwaai ik beleefd naar de spelers. Even later maak ik in mijn onschuld een foto of twee. Binnen tien seconden staat de motor voor mijn neus. Twee Ghanezen gaan dreigend voor me staan. ‘Waarom neem je foto’s?’ vraagt de een, gekleed in moslimgewaad en met non-modieus sikje. ‘Wie ben je?’

Ik stel me voor als journalist; ga immers maar eens uitleggen wat een antropoloog is. ‘Waar is je perskaart?’ wil het sikje weten. ‘Ik wil bewijzen zien!’ roept de andere man, de bestuurder van de motor. Terwijl ik vertel dat ik ab-so-luut niet bij het thuisteam hoor – en dus geen smerige spion ben – probeert de tweede man mijn camera af te pakken. ‘Die foto’s wissen, anders heb je problemen.’

Ik begin de foto’s te deleten. Dan vindt de bestuurder van de motor, wiens jaren ’70 pooiershirt flink uit de Ghanese toon valt (maar daar heb ik niets over gezegd), het plotseling oké. ‘Ik wil je naam want ik kom je zometeen opzoeken,’ zegt het sikje. Het pooiershirt start de motor. Dan pas vallen me zijn glimmende krokodillenleren laarzen op. Des te opvallender, gezien het feit dat krokodillen in het noorden van Ghana bekend staan als heilige dieren.

Even later vertel ik op de VVIP-tribune het verhaal aan de CEO van AshantiGold. ‘Waar zitten de lui van Wa All Stars eigenlijk?’ vraag ik iets te hard. ‘Hierzo, naast je!’ Een paar stoeltjes verder kijken het sikje en het pooiershirt me strak aan. Gedurende 45 minuten zit ik met samengeknepen billen op de tribune te kijken hoe AshantiGold de ene na de andere kans verprutst.

In de rust komt het pooiershirt naast me staan en drukt me ten overstaan van alles wat AshantiGold een warm hart toedraagt zeer opvallend de hand. De CEO slaat het tafereel aandachtig gade. Rol ik nu binnen één minuut van het ene kamp in het andere?

Terwijl de delegatie van All Stars zich terugtrekt achter de wc’s, snelt de CEO van AshantiGold de kleedkamer in, ongetwijfeld om de spelers de huid vol te schelden. Tijdens de tweede helft wordt de stemming grimmiger. Supporters van de thuisploeg maken gebaren naar de delegatie van All Stars die je kunt interpreteren als “we houden jullie scherp in de gaten”.

Een speler van AshantiGoldschiet eerst op de paal, daarna raakt een ander de lat. We naderen het eind van de wedstrijd. De CEO heeft het niet meer. Hij loopt als een gek heen en weer te ijsberen en begint zich te irriteren aan het sikje en het pooiershirt.

Dan opeens, in de 88ste minuut, krijgt AshantiGold een penalty. Een weggevertje, maar toch. De CEO is het helemaal kwijt. Hij schreeuwt van alles in de richting van het management van All Stars. Ook de supporters doen mee. De hoogste man van de All Stars-delegatie, herkenbaar aan het nog grotere en mooiere gewaad, en de CEO vallen elkaar aan en kunnen slechts met moeite uit elkaar gehouden worden.

De speler van AshantiGold neemt de penalty… en mist! De supporters in het stadion zijn woest; enkelen van hen trachten op de VVIP-tribune te geraken, waarschijnlijk om de bezoekers een lesje te leren.

Einde wedstrijd. 0-0. Verderop zwaait de vierde official naar me. Ik ken hem en zwaai terug. Iedereen op de VVIP-tribune staart me aan. Dan gaan ze verder met schreeuwen en duwen. De delegatievan Wa All Stars, die elkaar tevreden de hand schudt, wordt snel richting de uitgang gebonjourd. De CEO van AshantiGold verplaatst zijn woede naar zijn eigen team. Hij stuift de trap af, wurmt zich door een opening in het hek, en rent het veld op. Daar scheldt hij zijn coach en spelers de huid vol.

‘Bel me,’ roept het pooiershirt, als hij en het sikje op de motor plaatsnemen. Terwijl de All Stars bus zich met veel poeha door de menigte heen manoeuvreert, zie ik in de verte hoe een groep supporters verhaal gaat halen bij de barakken van de voetballers (die zich op het complex binnen het stadion bevinden). De militaire politie moet ingrijpen voordat spelers van AshantiGold rake klappen ontvangen.

Even later, als ik richting het busstation loop, kom ik een paar AshantiGold supporters tegen, die eerder naast me op deVVIP-tribune zaten. Ik vraag waarom de CEO de hele wedstrijd tekeer ging tegen de bezoekers. ‘Zag je dat dan niet?’ antwoordt er een. ‘AshantiGold had minstens tien kansen maar die bal ging er niet in. Die lui van Wa All Stars zijn moslims uit het noorden. Die staan bekend om hun juju. Ze hadden het doel afgesloten. Daarom was de CEO zo pissig.’

De bezoekers die het thuisteam belazeren. Had de CEO dus toch gelijk.

Tags: , , , , ,


About the Author



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top ↑