Competities arinbam

Published on november 16th, 2009 | by arnold pannenborg

Een typisch dagje voetbal in Bamenda

Terug naar Kameroen, het land waar ik ooit veldwerk naar voetbal deed. In Bamenda, de officieuze hoofdstad van de Engelstalige (Anglofone) regio, voetbalt men op aftandse, viezige grindveldjes, onder het toeziend oog van de plaatselijke elite.

‘Hier, pak vast.’ De teammanager duwt een bruine papieren zak in mijn handen. Het is half twee ’s middags. Dat zal dus zijn lunch zijn. Ik pleur de zak op de achterbank van de gammele oude wagen, waarmee we naar het centrum van Bamenda scheuren. Daar, op Commercial Avenue, parkeert de teammanager de auto pal voor een grote bank. ‘Geef die zak ‘ns aan,’ gebiedt hij.

We negeren de loketten en lopen meteen door naar de achterzijde van het gebouw. De teammanager vult een formulier in, opent de bruine zak en haalt er vijf stapels papiergeld uit. ‘Ons aandeel in de kaartverkoop van gisteren,’ verduidelijkt hij. New Club Bamenda speelde gistermiddag een wedstrijd tegen het topteam uit de hoofdstad, Canon Yaoundé. En ik heb het geld uit de kaartverkoop een half uur met me meegedragen.

In Kameroen gaat alles net even anders dan je verwacht. Op het moment dat je denkt dat de zaken prima verlopen, gaat opeens alles mis. En andersom. Zondag, wedstrijddag, verwachtte ik een kaartje te kopen en ergens achteraan op de tribune plaats te nemen. Dit zijn de plekken in het stadion waar de geiten grazen (die wonen praktisch in het stadion) en waar de supporters hun behoefte doen tegen de buitenmuur. Niks mis mee, daar niet van.

VIP-sectie
Deze dag leidt de secretaris-generaal van de club me rechtstreeks naar de “eretribune” en zit ik pal naast de voorzitters van beide ploegen. De aanwezigheid van tientallen witte tuinstoelen, een paar kratten bier en fris, vier lieftallige dames die de versnaperingen uitdelen en vele dikbuikige mannen die ze in ontvangst nemen, maken duidelijk dat het hier de VIP-sectie betreft. De vijf met rode voering beklede stoelen zijn bestemd voor de clubofficials.

De voorzitters van New Club Bamenda en Canon Yaoundé hebben zich niet bepaald fraai uitgedost voor de gelegenheid. Beide bestuurders, tevens stinkend rijke zakenlui, dragen trainingspakken; de een in het blauw, de ander in rood. Ze schijnen elkaar nogal te mogen. Daar waar de vertegenwoordigers van beide partijen in vele andere landen zo ver mogelijk van elkaar vandaan plegen te zitten, zoeken deze twee heren elkaars gezelschap juist opvallend graag op.

Over de wedstrijd zelf kunnen we kort zijn: het veld in Bamenda is zo slecht dat de voetballers geen andere tactiek tentoon kunnen spreiden dan het bekende principe van ‘de bal zo ver mogelijk naar voren schieten en zien wat er gebeurt’. Op de mogelijke richting van de bal valt geen peil te trekken. Die stuitert werkelijk alle kanten op, behalve dan de kant die jij (laat staan de spelers) verwacht. Toch wordt er tweemaal gescoord, aan beide kanten één keer.

Hoofd van de coach
Mijn team van de komende maanden doet het bijzonder matig in de nationale Elite One League. Slechts drie punten uit vier wedstrijden, dat is geen bevredigend resultaat, vinden ook de schaarse supporters van de club. Vooral het feit dat New Club haar beide thuiswedstrijden niet wist te winnen, valt niet bijster goed bij de fans. Direct na het laatste fluitsignaal vragen ze bij de voorzitter om het hoofd van de coach.

Het klinkt wat overdreven om een coach te ontslaan na amper vier wedstrijden, zeker als je bedenkt dat deze man de club voor het eerst in haar bestaan naar de hoogste voetbalklasse heeft geloodst. Maar supporters in Kameroen, en elders in Afrika, zijn ongeduldig. Zeer ongeduldig zelfs. Als je wint, dan word je op handen gedragen. Dan drukken de supporters je na de training en na de wedstrijden flinke hoeveelheden geld in de handen. Als je verliest, dan steken ze met plezier je huis in de fik.

‘We proberen de supporters op te voeden,’ zegt de secretaris-generaal na afloop. ‘Maar het lukt niet altijd.’ Dat is niet verwonderlijk, want de meeste supporters hebben voor aanvang van de wedstrijd al ruimschoots genoten van de lokale mimbo (bier). De voorzitter van New Club heeft na de wedstrijd dan ook grote moeite om de kwade supporters in bedwang te houden.

Terwijl de voorzitter van Canon zich over een ernstig geblesseerde speler ontfermt, krijg ik een microfoon onder mijn neus geduwd. Een verslaggever van Hot Cocoa FM wil ‘mijn impressie van deze middag’ weten. ‘Het was niet erg goed,’ zo begin ik, ‘maar het einde was spectaculair. New Club had vandaag een overwinning verdiend.’ En passant roep ik de supporters in Bamenda op zich achter het team te scharen. Een beetje publiciteit voor mijn nieuwe club kan natuurlijk geen kwaad.

Eén man
Qua kaartverkoop was het geen slechte dag. In totaal bijna 2 miljoen FCFA, dat is zo’n 3.000 euro. Niet verkeerd voor een club als New Club, die in Bamenda door bijna niemand wordt gesteund. Het echte team hier heet PWD Bamenda, maar die kwijnt al jaren weg in de lagere regionen van het lokale voetbal. ‘Het probleem van onze club is dat het niet eigendom is van de gemeenschap, het wordt volledig gefinancierd door één man,’ zegt de teammanager de volgende dag bij het verlaten van de bank.

De teammanager baalt als een stekker. Hij is het rekeningnummer van de club vergeten en moet dus morgenochtend wéér langs de bank. Terwijl hij terugkeert naar de school waar hij werkt, breng ik een bezoek aan het stadion. De spelers van New Club Bamenda krijgen een uitbrander van de assistent-coach, tot genoegen van de fans. De coach is in geen velden of wegen te bekennen.

Ik neem afscheid en houd een man op een motor staande. Eenmaal thuisgekomen begint het onbedaarlijk hard te plenzen. Zondag spelen ‘we’ weer in eigen huis, in Bamenda, in de semi-professionele competitie van het land van de Indomitable Lions.

N.B.: De naam van de club in Bamenda is gefingeerd om redenen van privacy.

Tags: , ,


About the Author



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top ↑